Zondag. De dag van de Heer.
De dag dat ik naar de kerk ga. Waar mijn hart een sprongetje maakt als ik binnenstap. Waar ik Gods glorie mag ervaren, Zijn aanraking, Zijn liefde. Alles wat Hij voor ons heeft gedaan.
Vandaag was zo’n bijzondere dag. De dienst raakte me diep. Maar ik wil het niet over mezelf hebben. Gisteravond was ik in het theater van Streams, aan de Brede Beek. Twaalf mensen gaven hun getuigenis. Twaalf verhalen van pijn, verlies, bevrijding, hoop en geloof. Twaalf stemmen die riepen: God leeft!
Eén was verlost van cocaïne. Een ander had een bijna-doodervaring. Iemand anders vertelde hoe hij zichzelf was kwijtgeraakt en schreeuwde tot God. Twee jonge vrouwen, nog zo jong, spraken met zóveel wijsheid dat ik dacht: Heer, wat werkt Uw Geest krachtig in hen.
Anderen vertelden over verslaving, reizen, omzwervingen – en telkens weer dat keerpunt: God greep in.
Een vrouw vond God aan de keukentafel. Een ander in een veld vol gewassen, waar hij zijn “vruchten” plukte. Elk verhaal anders, maar dezelfde rode draad: God redt.
Maar één getuigenis liet mij in tranen achter. Niet van vreugde, maar van diepe droefheid.
Een jong meisje vertelde dat zij, opgegroeid tussen kerkelijke mensen, niet liefde maar vervloeking ontving. Woorden van angst, dreiging, oordeel. Waar was de vrucht van de Geest? Waar was de liefde van Christus? Ze raakte verstrikt in drugs, zocht haar uitweg in verkeerde dingen, en werd zelfs misbruikt… ook op een plek die veiligheid had moeten bieden.
Ik kon nauwelijks naar het beeld kijken. Zoveel pijn. Zoveel onbegrip. Maar toen… toen hoorde ik haar zeggen:
“En toch heeft God mij gevonden. God heeft mij thuisgebracht.”
Niet naar de hemel – nee, hier op aarde gaf Hij haar een nieuw leven. Wat een kracht, wat een genade! En ik bid: Heer, houd haar vast. Laat haar niet meer los. Moge zij blijven wandelen op Uw weg van vrede, van licht, van heling.
Alle getuigenissen, op die twee jonge vrouwen na, kwamen voort uit een diep verlangen naar rust.
En die rust… die is er maar op één plek: in God.
“Kom naar Mij, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven.”
— Matteüs 11:28
Laten we blijven bidden.
Voor elkaar. Voor rust. Voor de Geest.
Voor vergeving. Voor vreugde in rouw.
Dat we zaaiers blijven. Niet om te oogsten – dat is Gods werk. Maar om te zaaien. Elk zaadje van liefde, van hoop, van het evangelie, zal ontkiemen in Gods tijd.
Laat ons blijven zegenen, blijven troosten, blijven getuigen.
Want de wereld heeft Jezus nodig.
“Ga dan heen, onderwijs al de volken, doop hen in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest,
en leer hun alles te onderhouden wat Ik u geboden heb.
En zie, Ik ben met u, al de dagen, tot de voleinding van de wereld.”
— Matteüs 28:19-20
Vader in de hemel,
Dank U dat U nog steeds levens verandert.
Dank U dat U de gebrokenen heelt, de verlorenen vindt,
en de vermoeiden rust geeft.
Heer, wees met ieder die gisteren sprak,
wees met dat meisje dat zoveel heeft doorstaan.
Bescherm haar, leid haar, vul haar met Uw vrede.
Laat ons als Uw kinderen zaaiers zijn van liefde,
brengers van hoop, dragers van Uw licht.
En herinner ons eraan:
dat U altijd op de uitkijk staat, als een Vader,
om ons op te vangen, te vergeven, te omarmen.
In Jezus’ naam.
Amen.
Met liefde ❤️ Ico
goedemorgen

Geef een reactie