Toen ik begon met werken met mensen die worstelden met verslaving, wist ik één ding zeker: God had me geroepen. Het was geen vaag gevoel, geen vaag plan. Nee, het was alsof God rechtstreeks tot me sprak:
“Wat Ik voor jou heb gedaan, mag je houden. Maar je mag het ook delen met de wereld.”
En dus ging ik. Ik werd begeleider binnen De Hoop in Dordrecht. Een plek waar gebroken mensen op zoek waren naar heelheid. Waar wanhoop dagelijks door de gangen liep, maar waar ook hoop woonde.
Eén dag in de week gingen we met een groep cliënten werken in het bos. Het gaf structuur, rust en zingeving. Ik opende de dag altijd met gebed, en dan vertrokken we — tien, vijftien, soms twintig mensen.
Er was een nieuwe jongen in de groep. Druk, onrustig, een stuiteraar. Iets in me waarschuwde. Dus ik nam hem apart en vroeg:
“Kan ik erop vertrouwen dat je jezelf niks aandoet als je vandaag meegaat?”
Zijn antwoord was eerlijk. Te eerlijk misschien.
“Nee, dat kun je niet.”
Ik besloot hem die dag niet mee te nemen. Voor zijn veiligheid én die van de groep. Wat ik toen nog niet wist, is dat dit de laatste keer was dat ik hem zou zien.
Drie dagen later kwam het bericht: hij had een einde aan zijn leven gemaakt.
Ik was gebroken.
Verward.
Klaar om te stoppen.
“Heer,” zei ik, “ik dacht dat U me hierheen had gestuurd. Maar ik kan dit niet dragen. Ik kan dit niet aan.”
Die nacht kreeg ik een droom. Geen gewone droom — maar een ontmoeting met God. Het was alsof we worstelden, zoals Jakob bij de beek. Ik vroeg: “Waarom?” En Hij antwoordde niet met uitleg over het ‘waarom’, maar met een bevestiging van het ‘waarvoor’.
“Ik heb je geroepen. Niet voor die ene persoon alleen. Maar voor Mij. Alles wat je voor één van deze mensen doet, doe je voor Mij.”
Dat moment veranderde alles. Niet het verdriet. Niet de vragen. Maar wél mijn draagkracht.
Want ik begreep: ik werk niet voor mensen, maar voor God. En Hij is degene die mensen op mijn pad stuurt. Soms voor één gesprek. Soms voor jaren. Soms voor een pijnlijke dag. Maar altijd met een bedoeling.
En elke keer weer mag ik Hem dienen in de ander.
“Voorwaar, Ik zeg u: alles wat u gedaan hebt voor een van de minste van deze broeders van Mij, dat hebt u voor Mij gedaan.”
— Mattheüs 25:40
God roept ons niet tot resultaat, maar tot gehoorzaamheid. Niet tot perfectie, maar tot liefde. En als je het doet in Zijn naam, dan doe je het niet alleen.
Met liefde ❤️ Ico
Goedemorgen

Geef een reactie