“Kom tot Mij, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven.”

(Mattheüs 11:28)

Categorie: Dagboek

  • Vandaag wil ik een ode brengen.Een ode aan mijn vrouw.Aan mijn lieve Andrea.

    Vandaag vieren we niet zomaar een dag,
    we vieren het leven.
    We vieren de liefde.
    We vieren jouw verjaardag,
    en dat doen we samen — hand in hand.

    We staan stil bij wie jij bent:
    Een vrouw vol liefde, vol kracht, vol wijsheid.
    Een vrouw die mij steeds weer helpt opstaan.
    Wanneer ik het niet meer weet,
    wanneer ik niet meer kan,
    ben jij daar.
    Met een luisterend oor,
    met een hart dat altijd openstaat.

    En als jij het moeilijk hebt,
    dan zijn we daar voor elkaar.
    We sparen elkaar niet met mooie woorden,
    maar we zijn eerlijk, echt, rauw als het moet.
    Want liefde is geen toneelstuk.
    Liefde is een open boek.
    Een levensboek dat we samen schrijven.

    Een boek waarin God de eerste bladzijde opende.
    En bladzijde na bladzijde
    wandelen we met Hem.
    Jij aan Zijn hand.
    Ik aan Zijn hand.
    En samen met Hem lopen we het pad van het leven.

    We hebben veel meegemaakt.
    Soms waren het zonovergoten dagen,
    soms stormen die alles leken te overspoelen.
    Maar nooit is ons geloof losgeraakt.
    Nooit is de liefde bekoeld.
    We zijn blijven vertrouwen.
    Op God. Op elkaar.

    En vandaag, op jouw 53e verjaardag,
    bid ik om één ding.
    Een wens uit de hemel:
    Genezing.
    Voor ons lichaam,
    voor onze ziel,
    voor alles wat moe is en kwetsbaar.

    Ik schrijf een brief naar God.
    Want Hij zegt in Zijn Woord:
    “Verlustig u in de HEERE, dan zal Hij u geven de begeerten van uw hart.”
    (Psalm 37:4)

    Dat is mijn gebed voor jou, mijn liefste.
    Dat Hij jouw wens kent,
    en die met liefde vervult.

    Vandaag is jouw dag.
    Laten we het vieren met koffie,
    een stukje gebak,
    misschien een pizza,
    maar vooral:
    met elkaar.

    Dat je mag stralen als nooit tevoren.
    Dat je mag voelen hoe geliefd je bent.
    Door mij.
    Door de kinderen.
    En bovenal: door God.

    Ik hou van jou.
    Met heel mijn hart,
    heel mijn ziel,
    heel mijn verstand.
    En ik blijf bij je,
    je man,
    je maatje —
    voor altijd.

    ❤️ Ico 🫶❤️🙏

  • Vandaag wil ik een ode brengen.Een ode aan mijn vrouw.Aan mijn lieve Andrea.

    Vandaag vieren we niet zomaar een dag,
    we vieren het leven.
    We vieren de liefde.
    We vieren jouw verjaardag,
    en dat doen we samen — hand in hand.

    We staan stil bij wie jij bent:
    Een vrouw vol liefde, vol kracht, vol wijsheid.
    Een vrouw die mij steeds weer helpt opstaan.
    Wanneer ik het niet meer weet,
    wanneer ik niet meer kan,
    ben jij daar.
    Met een luisterend oor,
    met een hart dat altijd openstaat.

    En als jij het moeilijk hebt,
    dan zijn we daar voor elkaar.
    We sparen elkaar niet met mooie woorden,
    maar we zijn eerlijk, echt, rauw als het moet.
    Want liefde is geen toneelstuk.
    Liefde is een open boek.
    Een levensboek dat we samen schrijven.

    Een boek waarin God de eerste bladzijde opende.
    En bladzijde na bladzijde
    wandelen we met Hem.
    Jij aan Zijn hand.
    Ik aan Zijn hand.
    En samen met Hem lopen we het pad van het leven.

    We hebben veel meegemaakt.
    Soms waren het zonovergoten dagen,
    soms stormen die alles leken te overspoelen.
    Maar nooit is ons geloof losgeraakt.
    Nooit is de liefde bekoeld.
    We zijn blijven vertrouwen.
    Op God. Op elkaar.

    En vandaag, op jouw 53e verjaardag,
    bid ik om één ding.
    Een wens uit de hemel:
    Genezing.
    Voor ons lichaam,
    voor onze ziel,
    voor alles wat moe is en kwetsbaar.

    Ik schrijf een brief naar God.
    Want Hij zegt in Zijn Woord:
    “Verlustig u in de HEERE, dan zal Hij u geven de begeerten van uw hart.”
    (Psalm 37:4)

    Dat is mijn gebed voor jou, mijn liefste.
    Dat Hij jouw wens kent,
    en die met liefde vervult.

    Vandaag is jouw dag.
    Laten we het vieren met koffie,
    een stukje gebak,
    misschien een pizza,
    maar vooral:
    met elkaar.

    Dat je mag stralen als nooit tevoren.
    Dat je mag voelen hoe geliefd je bent.
    Door mij.
    Door de kinderen.
    En bovenal: door God.

    Ik hou van jou.
    Met heel mijn hart,
    heel mijn ziel,
    heel mijn verstand.
    En ik blijf bij je,
    je man,
    je maatje —
    voor altijd.

    ❤️ Ico 🫶❤️🙏

  • Wanneer de boormachine zondag zingt

    Er zijn dagen dat mijn irritatieboog gespannen staat. Dagen waarop ik roep in mijn hart: “Heer, mag het even stil zijn?” Geen geboor, geen gezaag. Geen herrie, maar heiligheid. Zondag. Een dag die voor mij heilig is, een dag van rust, van aanbidding, van ademen. Maar juist dan lijkt het lawaai luider dan ooit. Alsof de stilte verjaagd wordt door betonboren en schuurmachines.

    Ik weet, we leven in een vrij land. Mensen hebben het recht om te klussen. En toch… waarom dan juist op zondag? Waarom op de feestdagen? Waarom op Kerst, als ik zing over vrede op aarde, hoor ik in plaats daarvan het ritme van een schroefmachine?

    En dan strijdt er iets in mij. Mijn verstand zegt: “Laat het los, wees geduldig.” Mijn hart roept: “Ik wil rust. Ik wil zegen. Ik wil vrede.” En in die spanning bid ik: “Heer, geef me rust in mijn hart. Niet alleen stilte buiten mij, maar vrede binnenin.”

    Geduld is geen passiviteit

    In Galaten 5:22 lezen we over de vrucht van de Geest: “Maar de vrucht van de Geest is liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing.”

    Wat ik ervaar is geen falen, maar het gevecht van een mens die verlangt naar wat goed is. Geduld is geen passiviteit, maar kracht in beheersing. Een keuze om niet bitter te worden. Een keuze om het hart niet te laten verharden.

    Elke keer als ik mijn vrouw zie glimlachen, smelt er iets in mij. Die glimlach is een gebed zonder woorden. Een antwoord op mijn frustratie. God geeft rust door mensen heen. Hij laat me zien dat vrede niet altijd komt doordat de mensen zwijgen, maar doordat mijn hart leert om stil te worden in Hem.

    De kracht van zachte woorden

    Ik spreek de mensen niet aan. Niet omdat ik niets durf, maar omdat ik weet: liefde vraagt soms om stilte. Tolerantie betekent niet dat alles goed is, maar wel dat ik kies om niet terug te vechten met lawaai in mijn hart.

    Toch mag ik blijven bidden: “Heer, breng rust. Niet alleen in mij, maar ook om mij heen.” Want God hoort. God grijpt soms in op manieren die ik niet zie. En wie weet… misschien komt er op een dag stilte. Geen geluid van machines, maar van muziek, aanbidding, zegen.

    Tot die tijd houd ik vast aan wat geschreven staat:

    “Wees in geen ding bezorgd, maar laat uw wensen in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God; en de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus Jezus.”
    — Filippenzen 4:6-7

    Gebed:

    Vader in de hemel,
    U die stilte spreekt en vrede zendt,
    zie mijn hart dat worstelt met onrust.
    U kent mijn irritatie, mijn verlangen naar rust,
    mijn moeite om liefde te bewaren waar geluid mij overweldigt.

    Geef mij geduld, niet uit eigen kracht,
    maar uit Uw Geest die zachtmoedig maakt.
    Leer mij lief te hebben waar ik wil klagen,
    en vrede te zoeken waar ik herrie hoor.

    Zegen de mensen, Heer.
    Raak hun harten aan, zoals U het mijne aanraakt.
    Breng Uw rust in mijn straat, in mijn huis, in mijn ziel.
    Laat mijn hart niet vullen met frustratie,
    maar met Uw aanwezigheid, die alles overstijgt.

    Dank U voor de glimlach van mijn vrouw,
    voor de kleine tekens van Uw nabijheid.
    Laat mijn huis een plaats zijn waar Uw vrede woont,
    en waar ik, ondanks het lawaai, Uw stem blijf horen.

    In Jezus’ naam,
    Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

  • Een vleugje verontreinigingEen verhaal over strijd, reinheid en overgave

    Gisteren zat ik in gesprek met Andrea. We spraken over het geloof, over hoe God naar dingen kijkt, en vooral over de strijd die we als christenen voeren in een wereld vol verleidingen. Het ging over onze opdracht om rein en toegewijd te leven, zelfs als de wereld ons constant iets anders voorhoudt.

    Toen kwam er ineens een beeld bij me naar boven. Een oud voorbeeld, maar eentje die me altijd is bijgebleven. Het ging over een man die jarig was. Hij had speciaal voor die gelegenheid een prachtige appeltaart gebakken. Mensen stonden eromheen en zeiden: “Wauw, wat ziet die er heerlijk uit!” Het water liep ze al in de mond. Maar voordat hij de taart aansneed, zei de man: “Voordat jullie beginnen, moet ik eerlijk zijn: ik heb er een héél klein beetje poep doorheen geroerd. Bijna niet te proeven hoor.”

    Iedereen trok zich meteen terug. “Nee, dank je. Laat deze keer maar zitten,” zei de een na de ander. En terecht. Want zelfs een piepklein beetje vuil maakt iets dat in de basis goed is, ineens onsmakelijk, zelfs onacceptabel.

    Zo kijkt God ook naar zonde. Ja, we hebben Jezus als onze Redder – Zijn genade is ons fundament. Maar dat betekent niet dat we achteloos mogen omgaan met wat we toelaten in ons leven. God verlangt ernaar dat we zuiver leven, Hem toegewijd.

    Een helder glas water waarin een druppel zwarte inkt wordt gegoten, verandert onmiddellijk. Zo werkt zonde ook. En als we die zonde niet aanpakken, verspreidt het zich – net als een rotte appel die een hele mand bederft.

    In de Bijbel wordt gesproken over het zuurdesem dat het hele deeg doet rijzen (Galaten 5:9). Het zijn vaak de kleine dingen die, als we ze toelaten, grote invloed kunnen hebben. Daarom is het zo belangrijk wie we toelaten in onze kring, wie we laten spreken in ons leven. Als we mensen op de verkeerde plek zetten – mensen die niet leven voor God – dan verzwakken we de strijd die we samen met Hem moeten voeren.

    We vragen ons soms af: “Waarom gebeurt er niks? Waarom zie ik geen doorbraak?” En dan fluistert God: “Wees puur. Wees rein. Wees heilig, want Ik ben heilig. En dan – ja, dan zal Ik je zegenen.”

    “Een beetje zuurdeeg maakt het hele deeg zuur.”
    — Galaten 5:9
    “Zalig de reinen van hart, want zij zullen God zien.”
    — Mattheüs 5:8

    Met liefde ❤️ Ico.

    Goedemorgen

  • Het kind dat nooit buiten kwam

    Het was winter, 1998. Sneeuw lag over het verscheurde landschap van voormalig Joegoslavië. De oorlog was officieel voorbij, maar de littekens waren nog zichtbaar in alles: in huizen, in mensen, in de stilte.

    Tijdens een reis bezochten we een dorpje vlakbij Tuzla, in Bosnië. Daar kwamen we bij een vrouw die invalide was geraakt tijdens de oorlog. Haar huis stond er nog, maar was getekend door de strijd – letterlijk. Kogelgaten in de muren, kou die door alles heen sneed. Geen verwarming. Geen uitzicht. Alleen overleven.

    In dat huis leefde ook een meisje, zeven of acht jaar oud. Ze was geboren uit een verkrachting tijdens de oorlog. Ze had nog nooit buiten gespeeld, nog nooit de frisse lucht geproefd of de wereld gezien. Haar moeder hield haar binnen, niet uit onwil, maar uit angst. Bang haar te verliezen in een wereld die al zo onbarmhartig was geweest.

    Ik mocht haar bezoeken. En ook al hadden we als team duidelijke instructies gekregen: geen geld geven – ik kon het niet laten. De armoede was zo rauw, zo tastbaar. Ik gaf haar iets kleins, een paar tientjes, in de hoop dat het haar moeder een warm gevoel zou geven, iets van de veiligheid die elke ouder voor zijn kind wenst.

    Toen ik de volgende dag terugkwam met een aangepaste rolstoel, zat zij daar met een glimlach. Koffie was gezet en koeken stonden klaar. Van het weinige dat ze had, had ze gastvrijheid gegeven. Haar dankbaarheid was groter dan haar noden. Haar hart groter dan haar pijn.

    Toch brak er iets in mij. Want ik dacht: dit meisje had een jas kunnen krijgen. Of schoenen. Of extra voedsel. Maar zij gaf met wat ze had. In een huis waar de muren getuigen van oorlog en verlies, was haar gastvrijheid een stille getuigenis van hoop en liefde.

    Ik weet niet hoe het nu met haar is. Ze zal nu rond de dertig zijn. En ik bid dat zij, net als haar moeder, hoop heeft gevonden in de liefde van Christus. Dat zij een toekomst heeft waarin niet alleen de littekens van de oorlog, maar ook de liefde en zorg voor elkaar centraal staan.

    Want ook hier in onze eigen straat – in onze buurten – kunnen mensen ongezien lijden, vasthouden aan een eenzaamheid die velen te lang onopgemerkt blijft. Laat ons daarom leren zien. Laten we luisteren en aanbellen. Een simpel gebaar kan het verschil maken tussen overleven en werkelijk leven.

    Want misschien is het evangelie soms gewoon: een hand op een schouder. Een mens die zegt: “Ik zie je. Je bent niet vergeten.”

    ‘Als uw vriend niet genoeg te eten krijgt en bijna geen kleren heeft en u zegt tegen hem: ‘Het beste ermee, hoor! Vat geen kou en zorg dat je niet verhongert,’ is dat toch zinloos als u hem niet geeft wat hij nodig heeft? Het is wel duidelijk dat geloof alleen niets te betekenen heeft. U moet het ook laten blijken uit wat u doet. Geloof dat niet uit daden blijkt, is geen geloof, het is dood en zinloos.’
    ‭‭Jakobus‬ ‭2‬:‭15‬-‭17‬ ‭HTB‬‬

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen

  • Een rit naar herstel

    Het was begin deze eeuw, ergens in 2001 of 2002, dat ik begon te werken bij Stichting Horeb een leefgemeenschap in Beekbergen waar mensen met verslavingen en gebroken levens samenkwamen. Een plek van strijd, maar vooral een plek van hoop en herstel. Mijn taak was het begeleiden van gasten die waren opgenomen, mensen die vochten tegen diepe pijn, verslaving en gebrokenheid. Horeb was ontstaan uit een eerdere stichting die failliet was gegaan; de structuur was losgelaten en de gasten hadden hun eigen regime gevormd. Het was een uitdaging om daar nieuw leven in te blazen, maar ik ging er met enthousiasme aan de slag, vertrouwend dat God er iets moois wilde doen.

    Toen ik, afscheid had genomen bij Stichting De Hoop in Dordrecht — dat was in 2001 — gaf een gast, zoals wij de mensen noemden die daar verbleven, mij een brief. In die brief stond: “Wat jammer dat je weggaat. Ik zag je echt als een vader voor me. Je luisterde naar me en deed goed voor me. Ik was blij met je.” Dat raakte mijn hart. Zo’n brief blijft je bij. Het brak me ook een beetje — niet uit twijfel, maar vanwege het besef dat je een groep mensen, die je jarenlang hebt gekend, moet loslaten. En dan hoop je dat het goed met hen blijft gaan.

    Diezelfde avond werd ik gebeld: de jongen die mij de brief had gegeven was weggelopen. Een gevoel van schuld overviel me. Had ik moeten blijven? Zou hij dan niet zijn vertrokken? Ik wist het niet. Een maand later hoorde ik dat hij zwaargewond was geraakt. Hij had een conflict gehad met een dealer en was van een balkon gegooid. Hij vertelde later dat hij in de val een reflex had gehad, waardoor hij net op tijd zijn lichaam draaide. Hij kwam op zijn benen terecht, maar die waren zwaar verbrijzeld.

    Ik besloot hem te bezoeken in het revalidatiecentrum in Rotterdam. Wat ik aantrof, greep me aan. Het centrum stond gebruik toe, en hij was opnieuw begonnen met drugs. De littekens van zijn verleden en het gevoel van verlaten zijn drukten zwaar op hem. Toch kreeg ik op mijn hart om hem een keuze voor te leggen: “Wil je hier blijven en langzaam doodgaan, of wil je een nieuw begin maken?”

    Ik bood hem een plek aan bij Horeb — een veilige en liefdevolle omgeving waar hij tot rust kon komen. Er was werk voor hem in de administratie, en ruimte om te herstellen zonder druk, maar wel met de duidelijke voorwaarde: stoppen met gebruiken. Hij stemde toe. Diezelfde avond reden we samen naar Horeb. De volgende ochtend stond hij al klaar bij het kantoortje: “We gaan ervoor.” We spraken veel, en ik zag hoe God hem daar begon te herstellen.

    Hij ontmoette hij een vrouw, werd verliefd en trouwde. Ik mocht getuige zijn op zijn bruiloft — wat een zegen. Hij koos bewust voor Jezus, liet zich dopen, en samen kregen ze drie kinderen. Het gaat met vallen en opstaan, maar hij leeft. Hij is vrij. En God is erbij gebleven.

    Daarom wil ik je dit meegeven: geef niet op. Wanneer iemand op het punt lijkt te vallen, blijf geloven in herstel. Bezoek hen. Bid voor hen. Wees trouw. Want juist door jouw aanwezigheid kan iemand leven kiezen. God werkt vaak door mensen, door kleine daden van trouw.

    ‘Wilt u mij aannemen als knecht?’ ” Zo ging hij op weg naar het huis van zijn vader. Die zag hem al in de verte aankomen en had erg met hem te doen. De man holde hem tegemoet, viel hem om de hals en kuste hem.’
    ‭‭Lucas‬ ‭15‬:‭20‬ ‭HTB‬‬

    God ziet mensen van ver. En soms mogen wij Zijn voeten zijn, die naar hen toe snellen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen

  • De Naam die God fluisterde

    Ik herinner me die dag nog als de dag van gisteren. Het was januari, 20 jaar geleden. Terwijl ik in gebed was, fluisterde God mij een naam toe: “Zoek Cees.” Het overviel me. Ik vroeg: “Heer, waarom Cees?” Maar Gods antwoord was eenvoudig, helder en onvermijdelijk: “Je moet Cees zoeken.”

    Ik kende hem, maar lang niets van hem gehoord. Toch kon ik niet anders dan gehoorzamen. Ik ging op pad, en vond hem—gebroken, verslaafd, wanhopig. Zijn vrouw was overleden, zijn kinderen waren uit huis geplaatst. Alles in zijn leven lag in puin. Maar in dat moment vertelde ik hem wat God in mijn leven had gedaan. Hoe Hij mij had gered, geheeld, en nieuw leven had gegeven. Cees luisterde, vol verwondering, met tranen in zijn ogen. “Dat wil ik ook,” zei hij zacht.

    Ik zorgde ervoor dat hij werd opgenomen in een verslavingskliniek. Maar het ging niet makkelijk—zes keer werd hij weggestuurd. Zes keer haalde ik hem weer op. Telkens opnieuw, omdat ik geloofde wat God mij had laten horen. Bij de zevende keer gebeurde het wonder. Daar, in die kliniek, ontmoette Cees God. Hij gaf zijn leven aan Jezus, werd gedoopt, en vanaf dat moment was hij een ander mens.

    Hij leefde nog tien jaar. Tien jaren van vrijheid, herstel, vreugde. Niet zonder uitdagingen, maar met een nieuwe kracht, en zonder de ballast van zijn verleden. Hij kende vrede. Hij kende Jezus.

    Ik prijs God nog altijd dat Hij mij die naam gaf. En ik prijs Hem dat Hij Cees volledig genezen heeft—van geest, ziel en lichaam.

    “Want de Zoon des mensen is gekomen om het verlorene te zoeken en te redden.”
    — Lucas 19:10

    In dit verhaal noem ik hem Cees . Zijn echte naam is anders, maar uit respect voor zijn privacy heb ik die veranderd.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen

  • Een Dag Rust

    Vroeg in de ochtend word ik wakker. Vaker dan vroeger. Mijn hoofd begint te malen, gedachten schieten voorbij. Dan kijk ik op de klok: tien over zeven. “Andrea, ben je vergeten de wakker te zetten?.”Ze mompelt slaperig terug: “Nee, de wekker staat pas op kwart over zeven.” O ja. Ik had haar wakker gemaakt, per ongeluk.

    Maar dan kruipen we dicht tegen elkaar aan, zoals we iedere ochtend doen. In elkaars armen, luisterend naar de stilte… of toch niet helemaal stil. In de verte keft een hondje. Even irritant, maar dan ook weer niet. We laten het los. En dan zegt Andrea.”Zullen we het vandaag anders doen? Eerst luisteren naar Wilma, dan laat ik het hondje uit en kom ik terug met je medicatie.”

    We luisteren. En de stem van Joanne klinkt: “De sabbat… een dag van rust.”
    God rustte op de zevende dag. Hij keek naar alles wat Hij gemaakt had – en het was goed. Hij deed niets nieuws meer. Rust. En ik dacht: wat zou dat mooi zijn… Een dag zonder beeldscherm. Zonder telefoon. Zonder afspraken. Een dag geen ziekenhuizen, geen klussen, geen drukte. Geen buren die lawaai maken. Geen verwachting waaraan ik moet voldoen.

    Een dag… gewoon niets.

    Een dag van wandelen in het bos, hand in hand. Stil zijn. Geen woorden nodig. Alleen rust. Alleen ademhalen. Alleen ontvangen.

    Want in alle ziekenhuisbezoeken, in de strijd van het lichaam, in de zorgen die ons hart dragen, zie ik de vermoeidheid. Niet alleen bij mezelf, maar ook bij Andrea.En dan bid ik:
    Heer, hoe kunnen we rust vinden?
    We weten: bij U is rust. Maar hoe houden we die vast in een wereld die maar doorgaat, die roept en eist en zuigt aan alles wat we zijn?

    Misschien begint het met echt kiezen. De stekker in de juiste bron steken. Niet in het scherm, niet in de planning, niet in de goedkeuring van anderen. Maar in U. Op Uw schoot. In Uw hart.

    Een sabbat.
    Een dag rust.
    Niet omdat we Lui zijn, maar omdat we mensen zijn.
    Mensen met batterijen die leeg raken.
    Mensen met zielen die adempauze nodig hebben.
    Mensen die verlangen naar Uw stem, zacht en helend.

    En zo bid ik, Vader:
    Leer ons rusten. Leer ons opladen.
    Leer ons ontvangen, zodat we kunnen geven.
    Leer ons zwijgen, zodat we Uw fluistering horen.
    En geef ons die dag. Een dag rust.

    Exodus 20:8-10a (NBV21):
    “Houd de sabbat in ere, het is een heilige dag. Zes dagen lang kunt u werken en al uw arbeid verrichten, maar de zevende dag is een rustdag, die gewijd is aan de HEER, uw God.”

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen

  • Wanneer zijn we werkelijk vrij?

    We leven in de dagen van herinnering. Dodenherdenking. Bevrijdingsdag. Dagen waarin we stilstaan bij wat geweest is. Dagen waarin de vlag uithangt – soms met vreugde, soms met een traan.

    We noemen het ‘bevrijding’, maar hoe vrij waren de mensen toen werkelijk? En hoe vrij zijn we vandaag?

    Ik keek een reportage over de bevrijding na de Tweede Wereldoorlog. De beelden lieten me stil worden. Mensen keerden terug naar huis – maar vonden hun huizen bezet. Joden, getekend door kampen en vluchten, werden niet verwelkomd, maar moesten vechten voor hun bezit, hun waardigheid. Sommigen kwamen thuis en vonden niets of niemand terug. Hele gezinnen weg, levens gebroken. En ik dacht: dit is ook Nederland. Dit is ook ons verhaal. En ik schaamde me.

    Want bevrijding is méér dan een einde aan oorlog. Het is een begin van herstel. Van gerechtigheid. Van vergeving. Van erkenning. En dat bleef voor velen uit.

    En vandaag? Vandaag dragen ook wij onze oorlogen. Ziekte. Angst. Onzekerheid. Onrecht. Verlies. We leven soms als gevangenen in ons eigen lichaam, in ons denken, in systemen die ons klein maken. En dan durf ik te zeggen: er is nog zoveel wat niet bevrijd is.

    En toch – midden in die verwarring klinkt een andere Stem. Een stem die zegt: “Kom tot Mij, allen die vermoeid en belast zijn.” Een stem die roept van het kruis: “Het is volbracht.”

    Want echte vrijheid – werkelijke bevrijding – ligt niet in een dag per jaar, maar in een Persoon. Jezus Christus. Hij kwam om de gevangenen vrij te zetten, om gebrokenen te genezen, om ons een hoopvolle toekomst te geven. In Hem zijn we vrij, ook als we dat soms niet voelen. In Hem zijn we thuis, ook als de wereld ons geen plek geeft. In Hem zijn we geliefd, ook als mensen ons verwerpen.

    Maar de pijn blijft soms rauw. Als je hoort dat een jonge moeder op sterven ligt, laat twee kleine kinderen achter en haar man. Als een kleinkind zegt: “Opa gaat dood,” en de stilte valt. Als de hemel ver lijkt en het lijden dichtbij. Dan roep ik met mijn hart: Heer, kom. Kom en herstel wat gebroken is. Maak waar wat U beloofd hebt.

    Tot die dag mogen wij leven als mensen die bevrijd zijn – niet perfect, maar vrijgekocht. Niet zonder strijd, maar met hoop. Laten wij dan anders zijn dan deze wereld. Gelijkvormig aan Christus. Laten wij liefhebben waar anderen haten. Vergeven waar anderen wrok koesteren. En hopen waar de wereld wanhoopt.

    Want de dag zal komen dat God zal zeggen: “Tot zover en niet verder.” En dan – dan zijn we werkelijk vrij.

    ‘De Geest van God de Here rust op mij, omdat de Here mij heeft gezalfd tot brenger van goed nieuws aan mensen die lijden en worden onderdrukt. Hij heeft mij gestuurd om mensen met gebroken harten te troosten, voor gevangenen vrijlating uit te roepen en hen die opgesloten zitten, te bevrijden. Hij heeft mij gestuurd om aan mensen in de rouw te vertellen dat de tijd van Gods genade voor hen is gekomen, maar ook de dag van zijn toorn tegen hun vijanden. Aan allen die in Israël rouwen, geeft Hij schoonheid in plaats van as, vreugde in plaats van rouw, lof in plaats van neerslachtigheid. Want God heeft hen geplant als sterke en rechtvaardige eiken ter wille van zijn eigen glorie.’
    ‭‭Jesaja‬ ‭61‬:‭1‬-‭3‬ ‭HTB‬‬

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen

  • “Vergeten door mensen, herinnerd door God”

    In een drukke stad, op een kille ochtend, zat een oude man ineengedoken op de stoep. Zijn naam was Silas – althans, dat was hoe men hem noemde. Niemand wist nog wie hij werkelijk was. Voorbijgangers liepen langs hem heen alsof hij deel uitmaakte van het straatbeeld: onzichtbaar, ongewenst, vergeten.

    Maar dan verschijnt er plots een vrouw. Ze buigt zich niet neer met kleingeld of meelij, maar met een uitnodiging: “Ik kom je trakteren op lunch.” Silas reageert eerst met bitterheid – zoals een man die te vaak teleurgesteld is. Toch gaat hij met haar mee.

    In het restaurant, waar de deuren normaal gesproken gesloten blijven voor mensen zoals hij, neemt zij Silas mee. Waarom?

    Dan gebeurt het wonder: ze herinnert hem aan een gebeurtenis van twintig jaar geleden. Zij, ooit een hongerig meisje dat als serveerster werkte, kreeg op een dag van hém – van deze dakloze, vergeten man – een maaltijd. Hij betaalde het van zijn bedel-geld.
    Hij was haar vergeten. Maar zij hem niet. En God al helemaal niet.

    Daar, aan tafel, vertelt zij hem dat het goede dat we doen nooit verloren gaat. Ze overhandigt hem een enveloppe met een uitnodiging voor een nieuw begin – een kamer, een douche, een toekomst.

    Wat leren wij hiervan?

    We leven in een wereld die snel oordeelt op uiterlijk, status, of succes. Maar Gods koninkrijk kijkt dieper. Een klein gebaar van liefde kan de vonk zijn die een leven verandert. En zelfs als jij vergeet wat je voor een ander deed – God vergeet het niet.

    Dit verhaal lijkt veel op wat Jezus ons leert: dat het Koninkrijk van God vaak schuilt in de kleinste daden – een beker water, een maaltijd, een bemoedigend woord. En dat wie wij als ‘verloren’ zien, vaak degene is waarin Christus zelf verschijnt.

    Bijbeltekst:

    “Want Ik had honger en u hebt Mij te eten gegeven; Ik had dorst en u hebt Mij te drinken gegeven; Ik was een vreemdeling en u hebt Mij gastvrij onthaald; Ik was naakt en u hebt Mij gekleed…”
    Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden: Heer, wanneer hebben wij dat voor U gedaan?
    En de Koning zal antwoorden: Voorwaar, Ik zeg u: voor zover u dit voor een van deze geringste broeders van Mij gedaan hebt, hebt u dat voor Mij gedaan.”
    — Mattheüs 25:35-40

    Laat dit verhaal je hart raken. Vraag jezelf af: Wie is mijn Silas? Misschien is het een onbekende, een collega, een familielid. Iemand voor wie jij vandaag verschil kunt maken – en waarvan God morgen het verhaal zal vertellen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen