“Kom tot Mij, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven.”

(Mattheüs 11:28)

Auteur: Ico Abis

  • Dichtbij, ook op afstand

    De nacht was lang. Slapen lukte nauwelijks en de uren kropen voorbij. Uiteindelijk besloten Andrea en ik om de dag vroeg te beginnen. We baden samen, dronken koffie en vertrokken naar het strand. Rond tien uur zaten we daar, in strandstoeltjes, met uitzicht op zee.

    Terwijl de golven ruisden, logde ik in op de kerkdienst. En hoewel we kilometers verwijderd waren van de gemeente, voelde het alsof we er middenin stonden. Dezelfde Heilige Geest die in de kerk werkte, waaide over het water heen en vulde onze harten.

    ‘Want als twee of drie mensen bij elkaar zijn omdat zij bij Mij horen, ben Ik bij hen.’’

    ‭‭Mattheüs‬ ‭18‬:‭20‬ ‭HTB‬‬

    We zongen mee, luisterden naar het Woord, en ik besefte opnieuw: afstand doet niets af aan Gods nabijheid. De hemel kent geen kilometers.

    Het strand werd een plaats van aanbidding. Tussen gesprekken door waren er lange momenten van stilte. Maar het waren geen lege stiltes – het waren momenten waarin God dichtbij kwam. 

    Er is niets anders waarnaar ik verlang, er komen prachtige lofliederen over mijn lippen,’ Psalm ‭63‬:‭6‬ ‭HTB‬‬

    ’s Avonds aten we samen – het eten smaakte matig, maar de aanwezigheid van Andrea maakte alles goed. We spraken over mijn ziekte, over afscheid nemen, en over de hoop die we vasthouden. Niet als een naïeve ontkenning, maar als een geloof dat zegt: we accepteren het niet zomaar.

    ‘Wat is geloof? Het is de zekerheid dat onze hoop werkelijkheid wordt en het is overtuigd zijn van het bestaan van dingen die je niet ziet. Hebreeën‬ ‭11‬:‭1‬ ‭HTB‬‬

    We weten dat God soeverein is en dat Hij Zijn kinderen soms thuis haalt. Toch kiezen we ervoor om te geloven in het wonder, om te bidden en om hoop te houden. En zelfs als het anders loopt dan wij hopen, zal ons geloof niet kleiner worden – integendeel.

    Daarom vraag ik: blijf bidden. Voor ons, en voor iedereen die in een moeilijke strijd staat. Laten we elkaar blijven bemoedigen. Want hoop, geloof en liefde zijn geen luxe; ze zijn onze levensadem.

    ‘Wees blij, want God gaat iets geweldigs voor u doen. Geef niet op als u het erg moeilijk krijgt en houd nooit op met bidden.’ Romeinen‬ ‭12‬:‭12‬ ‭HTB‬‬

    Vader in de hemel,

    Dank U dat Uw aanwezigheid niet gebonden is aan een plaats.

    Dank U dat U bij ons bent in de kerk, op het strand, in ons huis en in onze strijd.

    We bidden voor iedereen die vandaag vecht tegen ziekte, pijn of moedeloosheid.

    Schenk nieuwe kracht, nieuwe hoop, en geloof dat vasthoudt aan U.

    Heer, we verwachten het wonder, en we weten dat U trouw bent – wat er ook gebeurt.

    Vul ons hart met Uw vrede en help ons elkaar te blijven bemoedigen.

    In Jezus’ naam,

    Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen 

  • Er is kracht in de Naam van Jezus

    Gisterenavond, negen uur, ik doe een deur open en hoor muziek. Niet zomaar muziek, maar een lied dat diep in mijn ziel raakt:

    “There is power in the name of Jesus.”

    Ik ben niet zo van de Engelse liederen, maar deze hoort bij mijn top tien. Waarom? Omdat ik de kracht van Jezus zó hard nodig heb, en die ook zó duidelijk voel. Vaak kan ik het niet meezingen zonder tranen, omdat ik weet: die kracht is geen theorie, het is leven.

    “Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en Hem een Naam geschonken boven alle naam,

    opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie.”

    (Filippenzen 2:9-10)

    Die kracht van Jezus zie ik terug in mijn dagen, ook vandaag.

    We begonnen rustig, samen wakker geworden, ontbeten, en besloten iets te doen wat ik al lang niet meer kon: een kofferbakverkoop bezoeken. Andrea zei: “Pak de rolstoel”, maar ik besloot: nee, ik ga lopen. Met wandelstok heb ik anderhalf uur rondgelopen. Het ging niet zonder moeite, maar ik hield vol.

    Daarna lunch in Bergen: kreeftensoep met brioche. Wat bijzonder was: ik rook het eten. Dat is bijna onmogelijk, want al vijftien jaar ruik ik niets meer—behalve toen ik op Curaçao bij de zee stond. Maar vandaag was het alsof God me een klein extra geschenk gaf. Ik proefde het intenser dan ooit.

    De middag eindigde met een heerlijke pasta thuis, gemaakt door Andrea. En vooral: goede gesprekken. Over onze wens om samen oud te worden, en ons gebed dat God dat zal geven.

    “De naam van de HEERE is een sterke toren; de rechtvaardige snelt daarheen en wordt in een veilige vesting gezet.”

    (Spreuken 18:10)

    Ik besef: ziekte mag mijn lichaam aanvallen, maar in de Naam van Jezus is er kracht om te blijven staan. Die Naam is sterker dan pijn, vermoeidheid of angst. Het is niet alleen een lied, het is een geestelijke realiteit.

    “En dit zijn de tekenen die hen zullen volgen die geloven: in Mijn Naam zullen zij demonen uitdrijven; in nieuwe talen zullen zij spreken; zij zullen slangen opnemen; en al drinken zij iets dodelijks, het zal hun beslist niet schaden; op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen gezond worden.”

    (Markus 16:17-18)

    Vandaag was een gezegende dag. Niet omdat alles perfect ging, maar omdat God er middenin was. Elke lach, elk gesprek, elke stap—het was allemaal doordrenkt van Zijn kracht.

    En vanavond? Misschien een potje Yahtzee, zoals we altijd doen op vakantie. Maar wat er ook gebeurt, één waarheid blijft overeind:

    Er is kracht in de Naam van Jezus.

    En morgen? Morgen gaat de zon schijnen, en misschien… misschien ga ik zelfs zwemmen. Maar dat is voor later. Voor nu zing ik in mijn hart:

    Er is kracht in de Naam van Jezus.

    Heer Jezus, dank U dat Uw Naam kracht heeft. Kracht om te genezen, kracht om te dragen, kracht om door te gaan. Dank U dat U bij ons bent in vreugde én in strijd. Leer ons elke dag te wandelen in die kracht, opdat Uw Naam verheerlijkt wordt. Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen 

  • Genieten in Gods aanwezigheid

    De ochtend begint in gebed. We leggen onze dag in Gods handen, maar toch zitten er zenuwen in ons hart. De koffers moeten ingepakt worden. Andrea maakt zich zorgen: “Lukt het allemaal? Red Ico het wel?” Ik pak mijn koffer rustig in. 

    Langzaam komt er rust. De rust die God geeft. We besluiten: dit weekend is om te genieten. Samen. Van elkaar. Van wat God ons geeft.

    We komen veilig aan in Schoorl, vlak bij de zee. We wandelen door het dorp. Andrea biedt aan om de rolstoel te pakken, maar ik wil proberen te lopen. Het lukt. We eten samen, kijken elkaar aan en zien de liefde die ons draagt in moeilijke én mooie tijden.

    ’s Avonds rijden we naar Bergen aan Zee. Ik zeg tegen Andrea: “Dree, laat je zorgen los. Ik geef zelf wel aan wat lukt en wat niet lukt.” En daar, op het strand, lopen we langs de zee. Zonsondergang, foto’s, het geluid van de golven… Momenten om in ons hart op te slaan. Even later zien we een bordje: Appeltaart door oma gebakken. We nemen plaats, cappuccino en warme appeltaart voor ons. En midden in die eenvoud voel ik het: Gods aanwezigheid is hier. Zijn liefde omringt ons. Zijn kracht beschermt ons.

    Dan zegt Andrea zacht: “Zal dit de laatste keer zijn dat we samen een weekend weg zijn?” Die woorden raken me diep. Ik wil er niet aan denken. Ik blijf bidden en verwachten dat God mij geneest. Maar we weten ook: misschien is dit wel de laatste keer.

    Juist daarom genieten we des te meer. Morgen weer naar de zee. Samen lachen. Samen bidden. Samen stil zijn. Genieten van Gods pracht, van Zijn schepping, van Zijn trouw.

    Ik besef dat ik niets mis. Geen wensen meer. Mijn hart is vol. Mijn leven is rijk. Want God is hier. En Hij draagt ons.

    “Maar wij zijn meer dan overwinnaars, dankzij Hem die zoveel van ons houdt. Want ik weet zeker dat niets ons kan scheiden van Gods liefde: geen dood of leven, geen engelen of andere hemelse leiders, geen dingen van nu en geen dingen die nog komen, geen machten, geen hoogte of diepte, of wat dan ook in de schepping. Niets kan ons scheiden van de liefde van God die Hij ons heeft gegeven door Jezus Christus, onze Heer.”

    (Romeinen 8:37-39 – Het Boek)

    Gebed:

    Heer, dank U dat U ons draagt, in zorgen en in vreugde. Dank U voor Uw liefde die ons omringt, voor de momenten van schoonheid, voor de rust in ons hart. Leer ons te genieten van wat U geeft en onze zorgen bij U neer te leggen. Houd ons vast, elke dag, tot wij samen, bij U, volmaakt thuis zullen zijn. Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen 

  • Eindelijk Thuis

    Een dag van rust, maar ook een dag die anders begon. Ik lag lang op bed. Niet omdat ik wakker lag, maar juist omdat de slaap me vasthield. Geen energie, geen plannen, alleen rust — tot er ineens een bericht kwam.

    Een begeleider van een vriend belde. Ooit was hij patiënt, later kennis, en uiteindelijk een vriend. “Hij is overleden,” zei ze. In zijn slaap. Vredig.

    Plotseling kwam alles terug. De gesprekken van de afgelopen jaren. De pijn. Zijn strijd. Lichamelijk én psychisch. Twee weken geleden spraken we elkaar nog, en ook toen leek het even “wel te gaan”, maar dat had nooit echt betekenis. Het ging eigenlijk al lange tijd niet goed. En toch hadden we het vaak over de hemel. Over Jezus. Over hoe het zou zijn als we daar straks zijn. Samen.

    Hij is mij nu voorgegaan.

    ‘Wij weten dat als ons lichaam sterft, wij een nieuw huis in de hemel krijgen, waar wij altijd mogen wonen. Dat is een huis door God gemaakt en niet door mensen.’

    ‭‭2 Korinthiërs‬ ‭5‬:‭1‬ ‭HTB‬‬

    Soms maken we plannen voor morgen, terwijl morgen ineens geen deel meer uitmaakt van dit leven. En toch geloof ik: het slecht nieuws van zijn overlijden is ook goed nieuws. Hij is thuis. Bij zijn hemelse Vader. Een Vader die hij in zijn aardse leven nooit echt heeft gekend. Maar die altijd van hem gehouden heeft.

    Ik huil niet. Niet omdat ik hem niet mis. Maar omdat ik weet dat hij verlost is. Ik ken zijn lijden. En ik weet: nu is er feest in de hemel. Geen nacht van afscheid, maar een nacht van welkom.

    ‘Als een van zijn volgelingen sterft, raakt dat de Here heel diep.’

    ‭‭Psalmen‬ ‭116‬:‭15‬ ‭HTB‬‬

    Mijn eigen ziekte, mijn eigen zwakte — ik zie hoe mensen zich zorgen maken. Maar ik wil juist zeggen: leg het in Gods hand. Hij weet wat komt. En ik weet waar ik naartoe ga. Er is een eeuwigheid, een toekomst vol van hoop en liefde. Voor altijd samen met Hem. En met elkaar.

    En morgen? Morgen ga ik een weekend weg met mijn liefje. Geen koffers vol speelgoed of zorgen. Alleen een Bijbel. Want ik wil dicht bij de Vader zijn. Genieten van rust. Van haar. Van de schepping. Van het leven dat God geeft — hier én straks.

    “In het huis van Mijn Vader zijn veel woningen; als dat niet zo was, zou Ik het u gezegd hebben. Ik ga heen om u plaats te bereiden.”

    – Johannes 14:2

    Ik hou van jullie allemaal. Blijf bidden voor mij. En weet: we zijn verbonden. Door geloof. Door liefde. Door onze Vader.

    Heer Jezus,

    Dank U dat U ons voorbereidt op het moment dat we thuiskomen.

    Dank U dat U onze pijn kent, ons lijden ziet, en ons leidt naar het Vaderhuis.

    Dank U voor mijn vriend die nu bij U is. Geef troost aan wie hem missen.

    Leer ons elke dag leven in verwachting, niet met angst, maar met hoop.

    Zegen dit weekend, Heer. Geef rust. Geef liefde. Geef Uw nabijheid.

    En houd ons vast, tot wij ook eindelijk thuis mogen komen.

    Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen 

  • Als de kracht ontbreekt

    “Je zou bijna zingen: ‘Dit is de dag die de Heer ons geeft, wees daarom blij en zing verheugd.’”

    Maar ik kan het niet. Niet vandaag. Mijn lichaam is moe. Mijn geest verlangt naar nieuwe energie, naar frisse kracht, maar mijn lijf doet niet mee. Het liefst zou ik de hele dag slapen, en eerlijk gezegd… vaak doe ik dat ook.

    Ik voel hoe mijn lichaam afzwakt. Hoe elke inspanning zwaarder wordt. Vandaag had ik een gesprek, later kwamen een vriend en zijn vrouw op bezoek. Mijn dochter kwam langs met mijn kleinkind, en Andrea maakte heerlijke kippensoep.

    Kippensoep — het ‘Joodse medicijn’. Een beetje warmte, troost in een kom.

    En toch… zelfs daarvan kreeg ik geen energie terug.

    Ik ben gewoon moe. Heel moe.

    Twintig uur per dag slaap ik soms. De momenten dat ik wakker ben, zijn vaak gevuld met bezoek, liefde, herinneringen. Maar zelfs dat — hoe kostbaar ook — vraagt meer dan ik geven kan.

    ‘Machtelozen en vermoeiden maakt Hij sterk, de zwakken geeft Hij kracht.’

    ‭‭Jesaja‬ ‭40‬:‭29‬ ‭HTB‬‬

    Ze vroegen me gisteren in het Toon Hermanshuis hoe ik ermee omga.

    Ik zei: “Ik ben christen. Ik ben niet bang voor de dood. Ik weet waar ik heen ga.”

    Maar ik strúbbel — niet om de dood, maar om het afscheid.

    Afscheid nemen van mijn kinderen.

    Van mijn geliefde Andrea.

    Van mijn moeder.

    Van mijn vrienden.

    Van het leven dat ik liefheb.

    En dát… dát is het gevecht.

    Ik ben er nog niet klaar voor.

    ‘Voor alles bestaat een bepaalde tijd: een tijd om te worden geboren en een tijd om te sterven, een tijd om te planten en een tijd om te oogsten, een tijd om te doden en een tijd om te genezen, een tijd om te verwoesten en een tijd om te herbouwen, ‘een tijd om te huilen en een tijd om te lachen, een tijd om te treuren en een tijd om te dansen,’

    ‭‭Prediker‬ ‭3‬:‭1-4‬ ‭HTB‬‬

    De dagen worden korter. Ik voel het. Mijn kracht slinkt.

    De meeste dingen gaan langs me heen.

    Geen uitjes naar het dorp, geen plannen meer voor later.

    Elke dag is geen kwelling, maar wel zwaar.

    En toch… God is erbij.

    ‘Maar de Here antwoordde telkens weer: ‘Mijn genade is genoeg voor u. Want kracht ontplooit zich ten volle in zwakheid.’ Daarom durf ik mij toch op mijn zwakheden te beroemen, omdat dan de kracht van Christus in mij gezien kan worden.’

    ‭‭2 Korinthiërs‬ ‭12‬:‭9‬ ‭HTB‬‬

    Ik weet: Hij is erbij.

    Hij zegt: “Het zal nooit te zwaar voor je worden. Ik geef wat je aankunt.”

    En dan denk ik: Wat heeft Hij veel vertrouwen in mij.

    En ik wil dat vertrouwen beantwoorden, want ik heb ook vertrouwen in Hém.

    Daarom blijf ik vasthouden.

    Daarom zeg ik: ik ben er gewoon nog niet klaar voor.

    En hoe lang nog? Dat weet ik niet.

    Alleen God weet dat.

    Vrijdag ga ik — zo de Heer wil — naar een huisje in de duinen.

    Even een weekend aan het strand.

    Tot rust komen.

    Luisteren naar de vogeltjes.

    De natuur.

    Zitten op een terras, met de zon op mijn gezicht.

    Een voorproefje van vrede.

    Een moment van ademhalen, misschien zelfs van vreugde.

    En ondertussen vraag ik je:

    Blijf voor mij bidden.

    Voor kracht.

    Voor Gods dragende hand.

    Voor mijn kinderen.

    Voor Andrea.

    Voor hen die ik liefheb.

    ‘Een psalm van David. De Here is mijn herder, dus heb ik alles wat ik nodig heb! Hij laat mij uitrusten in een groene weide en wijst mij de weg langs kabbelende beekjes.’

    ‭‭Psalmen‬ ‭23‬:‭1‬-‭2‬ ‭HTB‬‬

    Heer God,

    U die kracht geeft aan de vermoeide,

    U die leven ademt in een lichaam dat moe is,

    U die weet wat het is om te lijden,

    U die liefde bent — tot het einde.

    Ik bid tot U, Vader,

    Draag mij in mijn zwakte.

    Vul mijn hart als mijn lichaam leeg is.

    Omarm mij in mijn vermoeidheid.

    Laat mij rust vinden in U.

    Zegen mijn geliefden —

    Mijn kinderen, mijn kleinkinderen, mijn vrouw, mijn vrienden.

    Laat hen Uw vrede ervaren, Uw nabijheid.

    En als de dag komt dat ik los moet laten,

    Dan bid ik dat U mij zult ontvangen —

    Met open armen.

    Tot die dag…

    Wilt U mij dragen.

    Dag na dag.

    Amen.

    Met liefde❤️Ico

  • In mijn zwakheid ben Ik sterk

    En dan word ik wakker.

    Na een onrustige nacht. Ik denk dat ik wel zes of zeven keer wakker ben geweest.

    Ik open mijn ogen en ik bid. Samen met mijn lief. Samen voor de dag die voor ons ligt. Ik hoop dat mijn lichaam genoeg energie heeft opgebouwd om het vol te houden.

    We gaan samen naar de bidstond.

    Het is fijn om daar te zijn. Samen met broeders en zusters, samen in Gods aanwezigheid. Tijd apart gezet, heilig.

    Maar mijn lichaam protesteert. De energie is op.

    Later heb ik een afspraak in het Toon Hermanshuis. Een gesprek met lotgenoten.

    Tijdens het praten betrap ik mezelf… drie keer val ik in slaap.

    En dan voel ik: ik red het niet. Mijn lief komt me ophalen en we rijden naar huis.

    En onderweg merk ik hoe zwak ik ben.

    Ik voel me niet sterk vandaag.

    Misschien ben ik sterk in het geloof dat God dichterbij komt. Dat er steeds meer zicht komt op Zijn aanwezigheid en Zijn openbaringen. Maar fysiek…

    Ik ben moe. Kapot.

    Om twee uur ’s middags kruip ik in bed.

    Wanneer ik wakker schrik en op de klok kijk – 18.37 uur – denk ik even dat het al ochtend is. Alsof ik weer de hele nacht heb geslapen. Maar gelukkig, het is nog avond.

    Toch ben ik weer snel moe.

    Mijn lichaam is uitgeput van het vechten.

    Uitgeput van de chemo.

    En het enige wat ik wil, is slapen.

    Slapen dicht bij Gods hart.

    Zijn openbaringen zoeken. Zijn liefde, Zijn trouw, Zijn geborgenheid.

    Zodat ik me veilig voel. Zodat ik in Zijn armen kan kruipen.

    En ik weet… Hij is dichtbij.

    Elke dag prijzen wij Hem. Voor wat we meemaken, voor wat we horen en zien.

    En morgen? Morgen is er weer een dag. Een dag waarop ik bezoek krijg, mag praten, en misschien weer iets zie van Gods aanwezigheid.

    En dus zeg ik tegen mezelf:

    Zelfs als ik wakker word,

    zelfs als ik moe ben,

    zelfs als ik niets voel – God is erbij.

    Bij mijn lijden.

    Bij mijn strijd.

    Bij alles wat ik doe.

    Mijn lief geeft me een ijsje. Een klein gebaar, een zegen.

    Ondanks alles is het fijn om nog kleine dingen te kunnen doen.

    En ik hoop… ik hoop dat mijn lichaam weer aansterkt. Dat de vermoeidheid weggaat.

    Dat ik weer een stukje kan fietsen. Of iets leuks doen met mijn lief.

    Maar voor nu leef ik van moment tot moment.

    En ik roem in mijn zwakheid. Want dan ben ik sterk.

    Dat zegt Gods Woord.

    En Gods Woord is waarheid.

    Hij is de waarheid, het leven, het water van hoop.

    Alle hoop richt ik op Hem.

    Nu. Vandaag.

    Soms voel ik Hem niet.

    Dan moet ik Hem met mijn verstand vertrouwen.

    Dan weet ik: Hij is er. Juist als ik Hem niet voel.

    En dat ervaar ik. Juist in mijn zwakte is Hij zo dichtbij.

    Heer Jezus,

    Dank U dat U bij mij bent.

    In de nachten van onrust

    en in de dagen van moeheid.

    Als mijn lichaam niet meer kan,

    en mijn geest het nauwelijks volhoudt,

    dan bent U daar.

    Dank U voor Uw Woord dat zegt:

    “Als ik zwak ben, dan ben ik sterk.”

    Niet door mijn eigen kracht,

    maar door Uw genade.

    Leer mij te rusten in Uw armen,

    te vertrouwen met mijn verstand,

    ook als mijn gevoel stil is.

    Laat Uw vrede over mij komen,

    Uw liefde mij dragen,

    en Uw nabijheid mijn schuilplaats zijn.

    Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen 

  • “Ik leg mij neer in vertrouwen”

    Het is weer zo’n dag.

    Geen bijzondere dag, geen dramatische dag — gewoon een dag waarin mijn lichaam moe is. Een dag waarop ik meer slaap dan leef. Maar toch… toch is het een dag die God heeft gemaakt. En daarin ligt kracht.

    Toen ik vanochtend wakker werd, voelde ik de misselijkheid. Maar ik werd ook wakker in gebed, samen met mijn vrouw. We legden de dag weer neer bij Hem. Niet als plicht, maar als houvast. Want we weten: als we niets meer kunnen dragen, draagt Hij ons.

    Vandaag was er een telefoongesprek met het UMC. We hadden gedacht dat alle onderzoeken achter de rug waren, maar het blijkt dat er nog meer nodig is. In het weefsel dat onderzocht is, zat een verkeerd gen. Nu moeten ze kijken of dat gen ook bij mijn kinderen zit. Acht weken wachten. Acht weken onzekerheid. Acht weken hoop.

    En toch — ik ben vol vertrouwen. Niet in de artsen, niet in de tijdlijn, niet in de wetenschap, maar in God. Ik weet dat Hij goed is. En dat Hij weet wat het goede is.

    Ik vraag: bid alsjeblieft voor mij.

    Bid dat dit gen stopt bij mij.

    Dat mijn kinderen vrij zijn.

    Bid voor mijn lichaam, dat moe is van de chemo.

    Dat opnieuw vecht.

    Dat slaapt.

    Dat wacht.

    Een broeder uit de gemeente kwam langs. Zijn bezoek was als frisse lucht. Iemand bij wie je even kunt zuchten, praten, delen. Iemand die niet de pijn oplost, maar hem met je draagt.

    Mijn dagen zijn kort, mijn nachten onrustig. Maar God is erbij. Mijn geloof wankelt niet, want het is niet gebouwd op mijn gezondheid, maar op Zijn trouw.

    ‘Toen pas durfde ik rustig te gaan liggen en vredig te gaan slapen. Ik werd ook weer veilig wakker, want de Here hield de wacht over mij.’

    ‭‭Psalmen‬ ‭3‬:‭6‬ ‭HTB

    ‘Maar de Here antwoordde telkens weer: ‘Mijn genade is genoeg voor u. Want kracht ontplooit zich ten volle in zwakheid.’ Daarom durf ik mij toch op mijn zwakheden te beroemen, omdat dan de kracht van Christus in mij gezien kan worden.’

    ‭‭2 Korinthiërs‬ ‭12‬:‭9‬ ‭HTB‬‬

    Mijn lichaam rust, maar mijn ziel is wakker. Wakker in de hoop op herstel. Wakker in de vrede die boven mijn verstand uitgaat.

    Ik weet dat God niets kwijt is. Ook mij niet.

    Ik wil blijven getuigen, niet van genezing alleen, maar van Zijn aanwezigheid. Ook nu, juist nu. Mijn zwakte is een open raam waar Zijn licht doorheen valt.

    Heer,

    U kent mijn dagen, mijn nachten, mijn lijf.

    U weet hoe moe ik ben.

    U weet wat er in mijn bloed stroomt, en U weet ook wat Uw Geest in mij bewerkt.

    Ik bid: geef mij vrede in het wachten.

    Geef mij hoop in het slapen.

    Geef mij kracht voor elke nieuwe dag, al is het maar een vonk.

    Ik breng mijn kinderen bij U. Bescherm hen. Laat dit gen stoppen bij mij.

    Breek de keten, Heer, in Uw machtige Naam.

    En boven alles: wees zichtbaar in mijn leven, ook als ik alleen maar rust.

    Laat mijn stilheid een lied zijn dat tot U stijgt.

    Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen 

  • “300.000 Inzichten van Liefde”

    Soms begint een dag met moeite. Een onrustige nacht, vermoeidheid door de chemo. De weg lijkt zwaar, het lijf protesteert — en dan ineens keert het zich om. Alsof God fluistert: “Wacht maar af. Ik ben met je. Er komt iets moois.”

    Want deze dag werd een kostbare dag. Een dag met — ik denk — 300.000 inzichten. In de gemeente, in mensen, in Gods hart. Het begon in de kerk. Met aanbiddingsliederen die niet alleen gezongen werden, maar diep mijn ziel raakten. En met de jongeman die het Woord bracht. Geen grootse theologie, maar eerlijkheid. Zijn verhaal. Zijn weg. Zijn geloof. En vooral zijn getuigenis van Gods trouw.

    De woorden van de gemeente bleven hangen:

    “Iedereen is welkom. Kom zoals je bent.”

    Dat raakte me. Want op dat moment ervoer ik het ook echt zo. Niet als een slogan, maar als een levende werkelijkheid. Ik was welkom. Ben welkom. In het huisgezin van God.

    “U bent dus geen vreemdelingen of gasten meer, maar burgers, net als de heiligen, en huisgenoten van God.” – Efeziërs 2:19

    Wat een vreugde gaf dat. Wat een rijkdom om te mogen behoren tot Gods familie. Om omringd te zijn met liefde en gebed. Zelfs in mijn ziekte mag ik zeggen: God laat alles meewerken ten goede.

    Zelfs de moeilijke nachten zijn niet zonder betekenis.

    “Wij weten dat voor wie God liefhebben, alles bijdraagt aan het goede.” – Romeinen 8:28

    Vandaag kreeg ik de kans om mensen te bellen. Mijn zoon kwam langs. We keken Formule 1, deelden een gesprek — hart tot hart. Zijn vriendin kwam ook en schoof aan voor het eten. Andrea kookte heerlijk, en de tafel werd een plek van liefde.

    Zoveel vreugde in kleine momenten.

    ’s Avonds keken we samen naar een film. Een film die ik kende, maar nu pas écht binnenkwam. Gebaseerd op het boek “De Uitnodiging”. Een verhaal over verlies, vergeving en vertrouwen. Maar vooral over God. Over de Vader, de Zoon, en de Geest.

    Daarin werd Gods hart zichtbaar. De Vader die vergeeft. De Zoon die lijdt voor ons. De Geest die leidt en troost.

    Zoveel lagen van liefde, waarheid, en uitnodiging.

    “Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.” – Johannes 3:16

    “De Geest helpt ons in onze zwakheid.” – Romeinen 8:26

    “Wie Mij heeft gezien,” zei Jezus, “heeft de Vader gezien.” – Johannes 14:9

    Ik herkende mijn eigen pad in dat verhaal. Het leren loslaten. Het opnieuw vertrouwen. Het vergeven van mensen, van het leven — soms zelfs van mezelf. Alles waar ik deze week over nadacht, kwam samen in die film. En in Gods aanwezigheid.

    Ik voel me gedragen.

    Niet omdat alles goed is. Maar omdat God goed is.

    En morgen is weer een nieuwe dag. De derde dag van de chemo. Misschien weer vermoeidheid, maar ook: hoop. Vrede. Kracht.

    Ik wil eindigen met diepe dankbaarheid voor de gemeente. Voor het Woord. Voor de liefde. Voor de Drie-enige God die met mij gaat, elke stap.

    En ik wil jou vragen: bid je mee?

    Heer,

    Dank U voor Uw oneindige liefde.

    Voor Uw aanwezigheid in de nacht en in de dag.

    Voor momenten van vreugde, van inzicht, van verbinding.

    Dank U voor de gemeente, voor Uw Woord, voor de stilte én de stem.

    Dank U, Jezus, dat U gekomen bent.

    Dat U Uw leven gaf, opdat wij zouden leven.

    Dat U de pijn draagt, de last verlicht.

    Dank U, Heilige Geest, dat U troost en leidt — ook in de chemo, ook in de moeheid.

    Leer ons vergeven, Heer. Leer ons vertrouwen.

    Leer ons leven vanuit Uw hart.

    En laat onze levens spiegels zijn van Uw liefde.

    We bidden voor kracht. Voor hoop. Voor genezing.

    Maar boven alles: voor Uw nabijheid.

    Wees met mij. Wees met hen die dit lezen.

    Wees met Uw kerk.

    Totdat U alles nieuw maakt.

    In de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

    Met liefde ❤️ Ico 

    Goedemorgen 

  • In de hemel wandelen op aarde

    Het is de dag na de chemo. De nacht was redelijk. Ik werd een paar keer wakker met een misselijk gevoel, maar mijn lichaam was rustig. Pas tegen de ochtend werd ik echt wakker. We hebben gebeden, gepraat. En ik besloot: vandaag mag het een rustige dag zijn.

    Mijn dochter kwam onverwachts naar Nijkerk. Ze wilde me gewoon even vasthouden. Even kijken hoe het écht met me ging. En dat deed me goed. De kleinkinderen waren er ook. Kleine Boas was weer heerlijk ondeugend, maar zó lief. Wat een zegen om te weten dat je kinderen van je houden. En je vrouw. Dat is genoeg. Dat is liefde. Dat is genade.

    Mijn lichaam is aan het vechten. Ik slaap veel. Soms open ik mijn ogen en weet ik niet hoe laat het is — de tijd glijdt voorbij. “Kwart over zeven,” zegt André dan. En ineens besef ik dat ik de hele middag kwijt ben. Rebecca was al uren geleden vertrokken. Alles is mistig. Misselijk. Moe. Mijn lichaam is aan het strijden. En toch… ik voel vrede.

    Want God is dichtbij. Ik ben blij dat we Hem kennen — als onze Verlosser, onze Trooster, onze Dragende Vader. Dat ik mag weten: ik woon al in Zijn huis. We zijn hemelburgers. We mogen op aarde al wandelen in de geur van de hemel, in de liefde van God. En dat proef ik. Ondanks de zwakte. Ondanks het ongemak. Ik proef Zijn liefde.

    Soms lees ik iets in het nieuws en dan schrik ik. Zoals van een kindje in Nederland, een baby die is gestorven omdat de ouders hem verkeerd eten gaven. Zelfs in een land met zoveel toezicht gebeuren zulke dingen. Dan roep ik tot God. Om vrede.

    Vrede voor Israël. Vrede tussen Rusland en Oekraïne. Vrede op deze aarde, zoals God het bedoeld heeft. Mensen die leven in liefde, in verbondenheid. Ik weet dat die vrede zal komen. Want Hij heeft het beloofd. Ik heb het gisteren nog gelezen in Openbaring. Dat is ons diepe verlangen: vrede, heelheid — shalom.

    En ik zie dat al een beetje terug in onze gemeente. Daar proef ik vrede. En ik hoop het ook te blijven ervaren onder mijn vrienden, onder onze kinderen. Waar we zo trots op zijn. Dat is wat ik vandaag wil uitspreken.

    Het is misschien een korte overdenking, maar het komt uit mijn hart. En mijn verlangen is dat je door deze woorden iets van God proeft: Zijn eerlijkheid, Zijn trouw, Zijn liefde.

    ‘Ik hoorde een luide stem vanaf de troon zeggen: ‘Gods woonplaats is nu bij de mensen, Hij zal bij hen wonen. Zij zullen zijn volk zijn en Hij zal Zelf bij hen zijn.’

    ‭‭Openbaring‬ ‭21‬:‭3‬ ‭HTB‬‬

    Vader in de hemel,

    Dank U dat U ons draagt, ook als ons lichaam zwak is.

    Dank U voor Uw liefde die zichtbaar wordt in onze kinderen, in Andrea, onze gemeente.

    Heer, wij bidden om vrede — in ons hart, in onze huizen, in deze wereld.

    Laat Uw Koninkrijk komen, laat Uw wil geschieden,

    zodat wij op aarde al mogen wandelen in het licht van Uw heerlijkheid.

    We danken U dat we U kennen — als Verlosser, als Trooster, als Vader.

    Blijf dichtbij, ook vannacht.

    In Jezus’ naam,

    Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Amen 

  • De Trap, de Boot en de Wens

    Dan lig ik hier. In het ziekenhuis. Aan de chemo.

    Het begint met een zakje om te spoelen.

    Dan de chemo.

    Dan weer een zakje om zeker te weten dat het allemaal in mijn lichaam zit.

    En dan sluit ik mijn ogen.

    En ineens zie ik een trap.

    Ik ben weer klein. Een kind.

    Ik loop die trap op. Een marmeren trap met zwarte treden en wittige randen.

    En het voelt als… een trap naar de hemel.

    Maar ik ben daar alleen. Niemand anders op die trap.

    Ik weet niet precies wat het betekent. Maar ik loop.

    Alleen, klein, misschien zoekend.

    Het bed begint te schommelen.

    Het voelt als een boot.

    En dan hoor ik een woord in mijn gedachten: De ontmoeting.

    Ik weet niet met wie, of wat,

    maar ergens weet ik: het is heilig.

    Misschien zoals die keer toen ik in de tuin keek bij vrienden.

    En het leek alsof ik in die film zat — De uitnodiging .

    Een plek waar vrede hing. En verwachting.

    En hier, in het ziekenhuisbed, voel ik weer iets van die rust.

    Van dat geheim.

    En dan is Andrea bij me.

    Ze kruipt tegen me aan. Ze huilt ineens, zomaar.

    Ze zegt: “Ik weet niet waarom.”

    Maar ik weet het ergens wel.

    Want wat er gebeurt, is groter dan wij kunnen begrijpen.

    Alsof Jezus, God, de Heilige Geest zich voorstellen.

    Alsof de Drie-eenheid zichzelf openbaart.

    In stilte. In tranen. In een aanraking.

    In het niet-weten.

    En toch weten dat het goed is.

    Ik snap het vaak niet.

    Mijn gedachten gaan alle kanten op.

    En toch weet ik wél dit:

    Wij hebben een God die van ons houdt.

    Een Jezus die voor ons aan het kruis ging.

    En een Heilige Geest die ons troost.

    Die aanwezig is — hier, nu, op dit bed.

    Het eindigt niet bij de dood.

    Niet bij een begrafenis.

    Want het eindigt nooit.

    Wij zullen altijd bij Hem zijn.

    Maar toch… ik heb een wens.

    Dat ik nog een tijd mag genieten van mijn vrouw, van onze kinderen, van onze kleinkinderen.

    Dat ik mag lachen, delen, liefhebben.

    Ik weet dat God ook naar onze wensen luistert.

    Maar ik weet ook wat Zijn diepste wens is:

    Dat Zijn kinderen thuis komen.

    Dus ik leg ons leven in Zijn hand.

    Niet wetend hoe het afloopt.

    Komt de genezing hier, op aarde?

    Of straks, bij Hem?

    Ik weet het niet.

    Maar ik weet wél:

    Zijn liefde blijft.

    Zijn trouw houdt nooit op.

    Hij is hier — op de trap, in de boot, in het ziekenhuisbed.

    Hij is er als ik niets meer begrijp,

    en Hij is er als ik niets meer hoef te begrijpen.

    En ik ben dankbaar.

    Voor de liefde die ik mocht ontvangen.

    En mag uitdelen — aan Andrea, aan onze kinderen,

    aan onze kleinkinderen.

    Ik ben trots op ze.

    Ze dragen mee.

    Ze bellen, ze bidden, ze leven mee.

    Ze houden van me.

    En ik weet:

    God draagt ons.

    ‘Ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. De tegenwoordige hemel en de tegenwoordige aarde waren er niet meer, en ook de zee was verdwenen. Ik zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, uit de hemel naar beneden komen, bij God vandaan. Zij zag er feestelijk uit, als een bruid die zich mooi heeft gemaakt voor de bruidegom en hem opwacht. Ik hoorde een luide stem vanaf de troon zeggen: ‘Gods woonplaats is nu bij de mensen, Hij zal bij hen wonen. Zij zullen zijn volk zijn en Hij zal Zelf bij hen zijn. Hij zal alle tranen van hun ogen afwissen. Er zal geen dood meer zijn, geen verdriet, geen rouw of pijn, want die dingen horen bij de oude wereld die voorbij is.’’

    ‭‭Openbaring‬ ‭21‬:‭1‬-‭4‬ ‭HTB‬‬

    Vader in de hemel,

    U die alles overziet,

    dank U dat U erbij bent – in het lijden, in de liefde, in de verwarring.

    Dank U dat we niet alles hoeven te begrijpen om U te vertrouwen.

    Dat U ons draagt als wij het niet meer weten.

    Dat U zachtjes spreekt – soms in tranen, soms in beelden, soms in diepe stilte.

    Zegen Andrea, zegen onze kinderen, zegen onze kleinkinderen.

    Laat Uw liefde blijven stromen,

    in ons huis, in ons hart, en in onze toekomst –

    hoe die ook zal zijn.

    Amen.

    Met liefde ❤️ Ico

    Goedemorgen